enkeltje barcelona

De regen kwam met bakken uit de hemel. Een felle pijnscheut schoot door mijn rechterknie toen ik knielde op het natte koude asfalt. Tussen de wazige weerspiegeling van neonletters en lantaarns zag ik mijn eigen silhouet op het natte wegdek. Mijn rechterhand omklemde het mes. De gebeurtenissen van die dag schoten als in een flits voorbij. Sirenes in de verte klonken steeds luider en kwamen dus dichterbij. En toen werd alles zwart om me heen en viel ik flauw.

Voor de vijfde keer in korte tijd las ik het verfrommelde briefje dat ik in mijn jaszak had gestopt. De taxi’s reden af en aan. Het was warm. Een chauffeur, met zijn arm uit het raam van zijn roestige bolide, zag me kijken en riep mij toe.

‘¿A dónde vas?’ Zijn donkere ogen keken mij vrijpostig en vragend aan.

‘No comprendo.’ Een geluid van klikkende hakken op het trottoir terwijl ik naar de taxi liep. Voor de zoveelste keer pakte ik het briefje. Nu liet ik het hem lezen en zag dat hij het adres herkende. Een zoete scherpe geur vanuit de taxi drong zich aan mij op.

De taxichauffeur, een kleine gezette man, stapte uit en opende de autodeur.

Bloemenkiosken, fonteinen en terrassen flitsten langs. Ik probeerde de omgeving in me op te nemen. Het wemelde van de toeristen, tekenaars, fakirs, dansers, levende standbeelden, goochelaars en natuurlijk de lokale bevolking. Kortom, de Ramblas.

‘Suus, je bent helemaal krankjorum! Een gezellig weekje met een onbekende vent? Lekker snugger!’ Stella ging altijd meteen zo tekeer, ze kon nooit iets normaal zeggen. Een goede vriendin zou naar je luisteren, maar zij kon dat niet. Nooit. Ik haatte dat. Maar, ze kon van mij de boom in, ik had mijn zinnen er nu eenmaal op gezet, finito!

Ik had met hem geflirt op een datingsite. Rafael kon wel eens de ware zijn. En natuurlijk maakte ik mijn beste vriendin deelgenoot van mijn geheime affaire.

Slenterend begaf ik mij door de wirwar van straatjes van El Barrio en liet de sfeer op me inwerken. Na een korte wandeling vond ik het restaurant waar we hadden afgesproken. Even twijfelde ik maar vervolgens besloot ik binnen poolshoogte te nemen. Aan de bar bestelde ik een rioja en vroeg de ober of hij mijn reservering voor de volgende dag kon bevestigen.

‘Het was toch mórgenavond?’, vroeg hij, al bladerend door de reserveringen.

‘Klopt’.

‘Misschien heeft mijn collega het verkeerd begrepen, want ik zie voor vanavond én morgenavond reserveringen staan, beide om negen uur. Ik vraag het even na.’

‘Oh…?’ Mijn handen begonnen te trillen, steken in mijn hoofd. Ik liet de wijn de wijn en snelde naar een taxi. Ik moest opschieten! Aan La Rambla checkte ik in bij een hotel waar ik de eerste avond zou doorbrengen. Vanwege de wifi stroomden de appjes binnen, ook die van Stella. Maar die negeerde ik. Rafael schreef dat hij uitkeek naar onze ontmoeting morgenavond. Morgenavond? Mijn hoofdpijn werd steeds erger, als ik nu maar geen migraine aanval kreeg. Ik drukte drie paracetamol uit de strip en slikte ze weg met cola.

Ik nam plaats aan een tafeltje in een eetcafé met uitzicht op het restaurant van de dubbele reserveringen. Mijn maag knorde. Ik bestelde tapas met veel vlees. Het was bijna negen uur toen ik Rafael uit het niets tevoorschijn zag komen en naar binnen zag gaan. Dat kon niet missen, mijn Rafael!

Stella had gelijk, datingsites waren dubieus. Maar wat hadden we samen gelachen om de profielfoto’s en omschrijvingen van die mannen. Yep. Geschikt! No way. Weg wezen! Stella mocht zelfs mijn wachtwoord gebruiken om mij te helpen jagen. Rafael stak er met kop en schouders bovenuit, bruine stralende ogen, verzorgd type. Met hem wilde ik daten. Als een headhunter had Stella meer informatie over hem weten te achterhalen. Rafael was niet alleen aantrekkelijk, maar ook superrijk! Maar er klopte iets niet. Want vreemd genoeg veranderde Stella plots van mening. Ineens vond ze hem niet langer geschikt. Op de blacklist ermee, zei ze, door naar de volgende.

Met een servetje veegde ik de condens van het raam om te kunnen zien wat er buiten gebeurde. Even later zag ik Rafael naar buiten komen, gevolgd door een vrouw. Hij klapte een paraplu open, zij legde haar arm om zijn middel en gaf hem een kus. Ik hoorde haar lachen. Een bekende lach. Steken door mijn hoofd. De wind blies de paraplu opzij. Stella?

Ik klokte de laatste slokken rode wijn achterover en liet het steakmes in mijn tas glijden. De deur van het café trok ik achter me dicht. Het begon harder te regenen.

Dit was mijn inzending aan een schrijfwedstrijd, een kort verhaal “Enkeltje Barcelona”, mijn zomerthriller. Het voldeed aan alle vereisten, zoals het maximum aantal woorden dat het verhaal lang mocht zijn.

Zou ik dit nog een keer moeten schrijven dan zou ik het wellicht anders aanpakken. Maar voor nu: c’est ça, c’est tout!

Ik hoop dat je het leuk vond te lezen.