ben ik in beeld

Met de capuchon over mijn hoofd en de ommetjes-app ingeschakeld leid ik mijn hond naar buiten. Het is hufterig weer en volgens buienalarm verandert dat voorlopig niet. De paraplu laat ik thuis want de ervaring leert dat het niet bepaald relaxed lopen is met hondenriem en plu tegelijkertijd. Ik heb nu even behoefte aan frisse gedachtes en lucht. Een kilometer of vijf moet toch wel volstaan om me weer zen te voelen.

Onze wereld wordt gewurgd door het coronavirus, we zitten in Lockdown twee-punt-nul. Ik maak me zorgen om de kinderen in mijn klas. Het online lesgeven aan groep drie, waarbij minimaal één ouder aanwezig moet zijn. Niet alleen om de laptop aan te zetten, ook om te weten met welke leerstof hun kind bezig is en hoe zij daarbij kunnen helpen. We moeten samenwerken, allemaal. Elke week stel ik een schema samen, met hooguit vijf kinderen per groep om zo de aandacht per kind zo maximaal mogelijk te houden. Tevens log ik in bij de noodopvang op school, waardoor mijn hoofd op het digibord tevoorschijn komt om de kinderen aldaar ook door de taken te loodsen. Ook bel ik de afwezige kinderen en hun ouders een voor een na om de reden voor hun absentie te achterhalen en hen bij te praten.

Een kind dat ik -vanwege de duidelijk hoorbare huiselijke ruzie op de achtergrond- moet “muten”. De verzoekjes of het jochie bij zijn vriendje ingedeeld kan worden. Het schuiven met namen omdat papa op dat tijdstip zelf een meeting heeft. Het instellen van een ander e-mailadres omdat het meisje precies die dag bij opa, oma, tante of buurvrouw zit. Het kind dat niet kan stilzitten en maar als een malle blijft rondrennen. Het knaapje dat slechts iets wil doen als mama naast hem zit. De zichtbare ruzies over het huiswerk. De uit frustratie rondvliegende potloden en schriften door de huiskamer. Juf doet het immers heel anders. Heb je een rooster voor me, de dagindeling voor morgen? Wanneer mag mijn kind pauze houden? Hoe beloon ik haar? Ouders die urenlang met hun kind aan tafel zitten om sommetjes uit te leggen, terwijl een les op school toch echt niet langer dan een uur duurt. Luister, kan mijn kind alsnog niet naar de noodopvang? Hoe ziet de toekomst van mijn kind eruit? Loopt hij zo geen leerachterstand op? Kan ik je even apart spreken? Stoom afblazen, frustraties delen.

Daarnaast cursussen en leergroepen die gewoon doorgaan. Online vergaderingen over diverse OPP’s en IHP’s in mijn klas. Gesprekken met allerhande experts als ergo-, psycho-, logo- en taaltherapeuten, die direct of indirect bij mijn klas betrokken zijn. Met als schrijnendste gevallen: de meldingen die wij bij Veilig Thuis maken. Laat alsjeblieft de school weer opengaan!

Ik stap en mijmer voort. Hoelang zal het duren voordat al die fysieke en fictieve blauwe plekken verdwenen zijn? Ik schakel mijn koptelefoon in en start storytell. Een nieuw verhaal, dat mij even offline zet en wegtrekt uit deze op-afstand-wereld.